Koningsnacht 2016

Het is 26 april, koningsnacht 2016 en wij hebben een aanvraag binnen gekregen om de plaatselijke horeca in de vesting te ondersteunen bij het koningsnacht feest van 20.00 tot 02.00.

De aanvraag is voor 3 EHBO-ers maar wij als vereniging besluiten dit aantal kosteloos te verdubbelen om een goede spreiding en het werken in tweetallen te garanderen.

Het is een gezellige en rustige dienst, leuke collega’s en weinig slachtoffers. Het enigste wat we qua eerste hulp te doen hebben is hier en daar een cool-pack, een pleistertje en een jong dronken droppie die zijn maag leegt. Ondertussen loopt het al aardig richting 02.00 en de dj buiten heeft zijn laatste nummertje gedraaid. De meeste feestgangers verplaatsen zich naar binnen in de horeca zaken en wij ruimen onze spullen alvast een beetje op.

Dan komt de portier van de horeca zaak waarin wij onze Centaal Post hebben opgezet met de mededeling dat er buiten op de terras tafels een dame ligt te dweilen.
Mijn collega en ik pakken een uitruk tas en haasten ons naar de terrasjes. Daar aangekomen treffen wij een ietwat gezette donkere dame aan. Ik schat ergens begin twintig. Mijn collega spreekt haar aan en ik speur de terrasjes af in de hoop bekenden van de dame te spotten. Ondertussen luister ik met een half oor naar het gesprek tussen mijn collega en de dame.Het gesprek gaat werkelijk waar nergens over, mijn collega krijgt wel degelijk respons van de dame…… al hebben de reacties van de dame niets te maken met de vragen die mijn collega stelt.Ze oogt niet dronken, maar ook niet nuchter. Dan probeert mijn collega er een dextro in te krijgen, die wordt netjes aangepakt door de dame om het snoepje vervolgens weg te moffelen onder de terras stoel. Mijn collega kijkt me aan en vraagt me of ik een poging wil wagen.

Ik ga voor de dame zitten in een terrasstoel en begin haar wat vragen te stellen, dan vang ik haar blik. Ze kijkt me even heel diep aan en zegt dan: “Jij bent lief”, terwijl ze mijn hand beet pakt en haar andere hand op mijn knie legt. Achter mij hoor ik mijn collega een poging wagen zijn lachen in te houden. Om deze situatie te doorbreken besluiten we haar even mee te nemen naar de centraal post. Onderweg hier naartoe blijkt dat dat de dame wat miscommunicatie heeft met haar evenwichtsorgaan en de concentratie van een dop-pinda.

Eenmaal aangekomen in de CP zetten we haar op een bankje aan tafel. Ik ga schuin tegenover haar zitten en mijn collega haalt wat te drinken voor haar. Gelijk weet ze mijn knie weer te vinden en het ene oneerbare voorstel na het andere krijg ik te horen. Gelukkig komt mijn collega er al aan met een glaasje drinken. Hij gaat tegenover haar zitten en zet het glaasje drinken voor haar neus. Uit zijn ooghoeken kijkt hij naar de hand op mijn knie en half proestend pakt hij nog een dextro voor de dame. Ook deze verdwijnt naar de vloer.

Dan stoot ze het glas om, …collega natte voeten en de rest over de vloer. Voor mij een mooi moment om wat bij te draaien, mijn knie onder de zwoele hand vandaan. Terwijl mijn collega een nieuw glaasje haalt kijkt de dame mij diep in de ogen, zo zwoel als ze op dit moment voor elkaar krijgt. Dit zou een geweldige viral foto kunnen zijn. Mijn collega zet het volgende glaasje voor haar neer en gaat weer zitten.
De dame bekijkt het glaasje, kijkt naar mijn collega en nogmaals naar het glaasje. Iets zint haar niet in deze situatie.
Zeer doordacht en welgemikt gooit ze ook dit glas om, het water gutst over de schoot van mijn collega die enigszins geïrriteerd naar achteren schuift.

In deze commotie fluistert ze in mijn oor: “Jij schopt mij er morgen ochtend niet uit hè, jij bent lief”.

Dit zorgt er dan wel weer voor dat de irritatie van mijn collega omslaat in een schaterlach. Dit is het moment dat wij besluiten dat wij hier verder niets in kunnen. Daarom begeleiden we de dame naar buiten en spreken aldaar de politie aan. Zij wagen nog een poging om haar vrienden of adres te achterhalen maar ook tevergeefs.
Ook zij zijn van mening dat de dame behoorlijk van de wereld is maar dat ze er verder eigenlijk niets mee kunnen.

Ondertussen is het ruim over tweeën, na flink uitgelachen te zijn door alle collega’s, de uitsmijter en het barpersoneel is het tijd om richting huis te gaan. Jullie begrijpen vast wel dat dit verhaal al snel een groot deel van de vereniging had bereikt.

Ramon

Delen: